DSMIV criteria van Asperger

Naamloos document

asperger diagnose kenmerken dsmiv    

A. Kwalitatieve beperkingen in de sociale interactie, zoals blijkt uit tenminste twee van de volgende:

  1. Duidelijke stoornissen in het gebruik van veelvoudig nonverbaal gedragzoals oogcontact, gelaatsuitdrukking, lichaamshoudingen en gebaren om desociale interactie te bepalen
  2. Er niet in slagen met leeftijdgenoten tot bij het ontwikkelingsniveaupassende relaties te komen
  3. Tekort in het spontaan proberen met anderen plezier, bezigheden of prestaties te delen (bijvoorbeeld het niet laten zien, brengen of aanwijzenvan voorwerpen die van betekenis zijn)
  4. Afwezigheid van sociale of emotionele wederkerigheid

B. Beperkte, zich herhalende en stereotiepe patronen van gedrag, belangstelling en activiteiten, zoals blijkt uit ten minste een van de volgende:

  1. Sterke preoccupatie met een of meer stereotiepe en beperkte patronen van belangstelling die abnormaal is in ofwel intensiteit of aandachtspunt.
  2. Duidelijk rigide vastzitten aan specifieke niet-functionele routines of rituelen.
  3. Stereotiepe en zich herhalende motorische manieerismen (bijvoorbeeld fladderen of draaien met de hand of vingers of complexe bewegingen met het hele lichaam)
  4. Aanhoudende preoccupatie met delen van voorwerpen

C. De stoornis veroorzaakt in significante mate beperkingen in het sociaal of beroepsmatig functioneren of het functioneren op andere belangrijke terreinen

D. Er is geen significante algemene achterstand in taalontwikkeling (bijvoorbeeld het gebruik van enkele woorden op de leeftijd van twee jaar, communicatieve zinnen op de leeftijd van drie jaar.

E. Er is geen significante achterstand in de cognitieve ontwikkeling of in de ontwikkeling van bij de leeftijd passende vaardigheden om zichzelf te helpen, gedragsmatig aan te passen (anders dan binnen sociale interacties) en nieuwsgierigheid over de omgeving

F. Er is niet voldaan aan de criteria van een andere specifieke pervasieve
ontwikkelingsstoornis of schizofrenie.